In de Koekestraat in Sint-Truiden zijn de krakers die sinds eind vorig jaar enkele leegstaande woningen bezetten, donderdag uit de panden gezet. De ontruiming verliep zonder incidenten. Het ging om woningen van woonmaatschappij Wonen in Limburg, die via de vrederechter een uithuiszetting had afgedwongen.
De politie hield toezicht tijdens de actie, maar moest niet ingrijpen. Verschillende bewoners hadden de panden al verlaten via de achterzijde. Nadien ruimde een gespecialiseerde firma de achtergebleven inboedel en het afval op.
De situatie in de straat zorgde de voorbije maanden voor heel wat reacties, onder meer op sociale media. Sommige buurtbewoners uitten hun bezorgdheid over overlast en onveiligheidsgevoelens, terwijl anderen net wezen op de moeilijke leefomstandigheden van de betrokkenen.
Daklozenproblematiek onder de loep
Het dossier rond de krakers kadert in een bredere daklozenproblematiek in Sint-Truiden, die regelmatig terugkomt in het publieke debat. Volgens het lokaal bestuur is er echter geen sprake van een ongecontroleerde toename. De stad volgt de situatie nauwgezet op via wekelijkse updates en een samenwerking tussen verschillende diensten. “De straathoekwerkers, straatpsychiaters en andere partners leveren sterk werk. We weten goed over wie het gaat en in welke trajecten mensen zitten,” zegt OCMW-voorzitter Pascal Monette (Anders).
Concreet gaat het in dit dossier om negen personen, van wie vijf zorgmijdend zijn. Twee mensen gaven aan hun situatie actief te willen aanpakken. In één van de woningen verblijven momenteel nog twee personen.
Deze week staat het aantal daklozen in Sint-Truiden op 17. Schepen Pascy Monette nuanceert dat cijfer en spreekt zelf steevast over een hogere schatting. “Ik kies altijd bewust voor het getal 25 omdat er natuurlijk ook een aantal thuislozen in onze stad zijn die misschien wel tijdelijk een plaats hebben om te verblijven maar waarvan de situatie plots kan omslaan.”
Vanuit het Truiense OCMW en het stadsbestuur klinkt ook frustratie over hoe het thema online wordt besproken. Hulpverleners merken dat dezelfde kritieken en reacties regelmatig terugkeren, wat hun werk bemoeilijkt.
Stad wil verantwoordelijkheid delen
Burgemeester Ludwig Vandenhove (Vooruit) benadrukt dat de stad de situatie goed kent en opvolgt. “We weten perfect wie daar verblijft en proberen iedereen zo goed mogelijk te begeleiden naar een alternatief waar dat kan,” zegt hij. “Maar we moeten daarbij de wettelijke procedures volgen. In dit geval was een uitspraak van de vrederechter nodig om snel te kunnen handelen. Ik begrijp de bezorgdheden van buurtbewoners, maar als stad kunnen we ook maar zoveel doen.”
De burgemeester plant daarnaast overleg met onder meer het ziekenhuis en Zorggroep Myna. “Wanneer mensen zonder oplossing op straat belanden, kan dat niet automatisch bij de stad terechtkomen. Die verantwoordelijkheid moet breder gedragen worden.”
Bij Zorggroep Myna wijst directeur Bert Plessers op de complexiteit van de problematiek. “Mensen die vrijwillig opgenomen zijn, kunnen op elk moment vertrekken. In andere situaties ontstaat soms een vertrouwensbreuk of loopt een maatregel af. Wij zijn geen gesloten instelling, maar proberen wel via mobiele crisisteams en samenwerking met partners ondersteuning te bieden.”
Wonen in Limburg laat intussen weten dat de betrokken panden beter zijn afgesloten. Er worden ook bijkomende maatregelen genomen, zoals camerabewaking, om nieuwe kraakacties te voorkomen.



